CO₂-compensatie — ook wel carbon offsetting — houdt in dat u de uitstoot die u (nog) niet kunt vermijden, neutraliseert door elders een gelijkwaardige hoeveelheid CO₂ te reduceren of op te slaan. U koopt daarvoor zogenoemde carbon credits: certificaten die elk één ton CO₂-reductie vertegenwoordigen.
Wanneer is compensatie legitiem?
Compensatie is een hulpmiddel voor de restuitstoot na serieuze reductie-inspanningen — niet een vrijbrief om door te stooten. De meeste erkende normen (PAS 2060, SBTi) vereisen dat u eerst uw uitstoot zo ver mogelijk vermindert voordat compensatie in acht wordt genomen.
Compensatie is onder andere zinvol voor:
- Uitstoot die technisch of economisch (nog) niet vermijdbaar is
- Vlieguitstoot van zakelijke reizen die u al tot een minimum hebt beperkt
- Scope 3-emissies waarop u beperkte directe invloed hebt
Kwaliteitscriteria voor carbon credits
Niet alle credits zijn gelijk. Kwalitatief goede credits voldoen aan de volgende criteria:
- Additioneel — de reductie had zonder het project niet plaatsgevonden
- Meetbaar en verifieerbaar — de reductie is onafhankelijk gemeten en gecertificeerd
- Permanent — de opgeslagen CO₂ ontsnapt niet terug in de atmosfeer
- Uniek — elke credit wordt maar één keer verkocht en gecanceld
Erkende standaarden
De meest gebruikte internationale certificeringsstandaarden zijn:
- Verra (VCS) — de grootste mondiale standaard; brede projectcategorie
- Gold Standard — strenger, met extra eisen op het gebied van duurzame ontwikkeling
- Plan Vivo — gericht op kleine boeren en gemeenschappen
In Nederland zijn projecten via Trees for All en South Pole gecertificeerd onder een of meerdere van deze standaarden.
Koop nooit credits zonder certificeringsnummer. Vraag de aanbieder altijd om het registernummer waarmee u de canceling kunt verifiëren in het openbare register.